CFO-office waarborgt vruchtbare financiële bodem
- nathan81952
- 8 uur geleden
- 6 minuten om te lezen

In 2018 kreeg de Aveve-groep de nieuwe naam Arvesta. De activiteiten en merken binnen de groep lagen al even buiten het gekende tuin-, dier- en hobbyaanbod dat men in de Aveve kon vinden. Jurgen Van Eetvelde, CFO, waakt over de financiën van de groep. “Iemand die in onze fabriek werkt, denkt ’s morgens niet: hoe kan ik finance helpen? Die wil net ontzorgd worden. En dat is onze rol.”
“De activiteiten van Arvesta kan je opdelen in vier grote zuilen”, legt CFO, Jurgen Van Eetvelde uit. “Dierenvoeding, agri horti, retail en greenhouses.” In 2017 kwam hij bij Arvesta aan boord voor het uitbouwen van een shared service center. “Er zijn toen heel wat strategische projecten gelanceerd. Eén daarvan was legale simplificatie. We hadden toen 72 entiteiten, vandaag zijn dat er een 40-tal. Tegelijk zijn er ook wat acquisities gebeurd. Die oefening om waar mogelijk te vereenvoudigen is nog steeds bezig, maar het grootste volume is achter de rug.”
Lokaal centraal
Het hoofdkantoor van Arvesta bevindt zich in België. “Hier zitten alle finance-afdelingen die centraal opereren voor de groep, goed voor België en grotendeels ook voor Nederland, Frankrijk en Duitsland, waar Arvesta ook actief is. In onze buurlanden hebben we evenwel lokale afdelingen met eigen financiële directeurs om daar de focus te houden en ook afzonderlijk de P&L-verantwoordelijkheid op te nemen. Daarnaast is dat ook belangrijk om de lokale wetgeving op te volgen en na te leven.”
“Centralisatie heeft voor- en nadelen, en deze organisatie werkt voor ons zeer goed. Het gros van finance, alles wat met rapportering, legal en taks te maken heeft is volledig gecentraliseerd. Lokale wetgeving en lokale rapporteringsvereisten zijn dat niet.”
Geloofwaardige businesspartner
Van Eetvelde onderscheidt twee belangrijke rollen voor finance. “Enerzijds moeten we er vanuit finance alles aan doen om onze collega’s in de businessunits, in de operaties en de mensen op de werkvloer niet te gaan overladen met massale rapporteringen. We zijn geen numbercrunchers in die zin. Natuurlijk willen we de juiste rapporteringen, waarmee we vervolgens kunnen zien waar we het goed doen, waar opportuniteiten schuilen en waar onze risico’s zich bevinden. Die rapportering vragen we, maar die is heel specifiek gefocust op de ondersteuning naar de businessunits.”
“Dat is de rol van businesspartner opnemen”, stelt Van Eetvelde. “Ik weet dat die term heel vaak in de mond genomen wordt, daarom proberen wij het heel concreet te maken. Dat is een oefening die continu loopt, maar een heel belangrijk objectief van finance.”
Een tweede grote rol voor finance omschrijft Van Eetvelde als ‘the quality of the CFO-office’: “Onze dagdagelijkse operaties binnen finance moeten volledig, juist en kwalitatief zijn. Of het nu gaat om boekhouding, wettelijke aangiftes of de jaarrekening: de kwaliteit van ons werk is extreem belangrijk. Als we dat niet beheersen, kunnen we de rol van businesspartner nooit op een geloofwaardige manier opnemen. Iemand die in de fabriek ons veevoeder produceert of een van onze verkopers die bij de boeren langsgaat staat ’s morgens niet op met de vraag ‘wat kan ik vandaag voor finance doen?’, die wil vooral ontzorgd en geholpen worden.”
Klimaatimpact
Arvesta voelt de impact van klimaatwijzigingen op verschillende fronten. Hun belangrijkste klanten zijn landbouwers en particulieren met groene vingers. “Een boer kan op voorhand niet helemaal zeker zijn van een bepaalde opbrengst of oogst”, stelt Van Eetvelde. “In 2024 hadden we een gigantisch nat voorjaar: tractoren konden het veld niet oprijden waardoor bepaalde planten of teelten zelfs niet ingeplant werden. Dat slechte weer zorgt er ook voor dat mensen minder in de tuin willen werken, waardoor ook de verkoop in de winkels terugvalt. Dat heeft een enorme impact.”
Daarnaast speelt ook regelgeving mee. In Vlaanderen was er al veel te doen rond het stikstofdecreet en de impact ervan op boerderijen, in Nederland kennen ze de problematiek evengoed. “Die groep klanten heeft te kampen met een enorme onzekerheid. Ze vragen zich af of ze straks wel nog een bedrijf gaan hebben. Daar komt ook bij dat er alsmaar minder boeren zijn, die gemiddeld genomen steeds ouder worden. Moeten die dan nog verder investeren of niet? Een andere bezorgdheid gaat over welke stoffen toegestaan worden om land te bewerken. Regelgeving wordt alsmaar strikter, dat wordt niet afgebouwd.”
De greenhouses, de jongste tak binnen Arvesta, vormt hier een mooie aanvulling. “Die activiteit is er relatief recent bijgekomen. Daarin bouwen we serres die voetbalvelden groot zijn. In die serres worden dan groenten en fruit gekweekt, maar op een zo automatisch mogelijke manier. Daarin vorm je een gesloten circuit waar je het klimaat volledig beheerst. Regen of kou heeft dan geen impact meer.”
Beheersing van het werkkapitaal
Van Eetvelde hamert intern sterk op het beheersen van het werkkapitaal. Arvesta draait een geconsolideerde omzet van om en bij de twee miljard euro, te allen tijde zit zo’n 275 tot 300 miljoen euro in voorraden. “We zetten heel hard in op een degelijke forecasting, waarbij we maximale flexibiliteit nastreven tussen leverzekerheid voor onze winkels en een niet té hoge voorraad aanhouden”, zegt Van Eetvelde. “Afhankelijk van de businessunit, verloopt dat proces anders. We houden heel regelmatig vergaderingen over werkkapitaal, waarbij we maand na maand de trends onder de loep nemen, zowel in dagen als in euro’s. Daaruit bepalen we de acties die we op dat moment moeten nemen om te zorgen dat alles onder controle blijft.”
“Daar zie je heel goed hoe finance en de business elkaar versterken en helpen. Wij bieden inzichten, soms vanuit een helikopterperspectief en soms wat gedetailleerder. Een voorbeeld is voorraad die te lang blijft liggen, waardoor we tijdelijk een outlet opendoen om op die manier voorraad van de hand te doen”, legt Van Eetvelde uit. “We houden cyclustijden natuurlijk in de gaten, we kijken dan vooral naar de trage bewegers. Voor producten met een vervaldatum of die weersafhankelijk zijn is dat natuurlijk een ander verhaal dan bijvoorbeeld plantenbeschermingsmiddelen die erg lang goed blijven.”
Het voorspellen van de vraag van veevoeding is in deze oefening dan weer iets gemakkelijker. “Een dier moet elke dag eten”, zegt Van Eetvelde. “Maar daarin is het dan weer zaak om onze productiezekerheid te waarborgen. We produceren 1,8 miljoen ton veevoeding op jaarbasis, we kunnen het ons niet permitteren om een van onze dertien fabrieken een dag stil te leggen, dat is veel te kapitaalintensief. We dekken ons daartoe in met contracten om alle grondstoffen met zekerheid geleverd te krijgen.”
Meer dan voorraad
De missie van Arvesta bestaat erin om totaalleverancier te zijn voor boeren en tuinders. Daarom zijn ze ook invoerder van John Deere tractoren. “We hebben een aantal eigen dealers, alsook zelfstandige dealers die klant zijn bij ons. Daarin het werkkapitaal beheren is een even noodzakelijke oefening”, stelt Van Eetvelde. “Werkkapitaal gaat verder dan het efficiënt beheren van de voorraad, het gaat ook over tijd: kunnen we maximaal genieten van leverancierskredieten, waar je dus geen intrest op betaalt.”
Die oefening gaat verder dan het balanceren van betalingstermijnen voor leveranciers en klanten. “Dat is een vraagstuk waar alle teams op werken. Verkopers en mensen uit finance hebben contact met klanten, zij die niet tijdig betalen moeten gecontacteerd worden. Anderzijds heb je het contact met de leveranciers, waar je aankopen onderhandelt samen met finance. Voorraadbeheer is een logistieke oefening die samen met aankoop gebeurt, afhankelijk van je forecasting. Al die zeer specifieke onderdelen bepalen uiteindelijk de werkkapitaalbehoefte.”
Seizoensafhankelijk
Voor Arvesta spelen er andere factoren mee in het forecastingproces. Veel bedrijven steunen op historische data, maar voor Van Eetvelde is het weerbericht ook een belangrijke determinant. “Kort door de bocht realiseren we ongeveer zeventig procent van onze omzet tussen februari en juni. Als je een vroeg voorjaar hebt met aangename temperaturen, zoals in 2025 het geval was, zie je de activiteit in de winkel stijgen. Je zag ook boeren met hun tractor het veld opgaan, wat je het jaar voordien niet zag.”
Het is voor Van Eetvelde comfortabel als de verkoop goed gaat, al maakt het de oefening niet meer of minder moeilijk. “Die weersafhankelijkheid is iets waar zowel wij als onze klanten mee te maken hebben. In die piekperiodes gaan de volumes omhoog, maar voor finance blijft de focus op de performantie van de groep op de marges, de omzet en dies meer gelijk. Dat zijn zaken die een heel jaar door bovenaan de agenda staan.”
Toekomstperspectief
Sinds 2020 is er een continuous improvement team. “Zij houden zich uitsluitend bezig met het optimaliseren van processen. Ze nemen met een lean bril alles onder de loep. Dat is begonnen in finance, maar ondertussen gebeurt dat in alle business units voor alle mogelijke processen”, legt Van Eetvelde uit. “De vraag is steeds hoe we processen van vandaag beter kunnen maken, lineair kunnen maken of automatiseren. Daarbij bekijken we ook RPA (Robotic Process Automation). Dat is niets nieuws, maar dat is wel succesvol. Of dat dat dan per se deel van finance moet uitmaken, maakt niet uit. Zolang het maar op de juiste manier gebeurt.”
Over de toekomst blijft Van Eetvelde met de voeten op de grond. “Alles kan altijd beter. Met de acquisities die gebeurd zijn zal het nog een oefening worden om alle ERP-systemen gelijk te krijgen. Daar is een hele IT-roadmap voor gemaakt die loopt tot 2031. Als iedereen in dezelfde applicatie werkt, vereenvoudigt dat veel zaken. Dat gaat van back-ups, naar rapportering maar evengoed iets eenvoudigs als het onderhoud van de systemen. Het spreekt voor zich dat dat voor de greenhouse-activiteiten een andere vorm zal hebben. Dat zijn projecten, wat een heel andere werkwijze vereist dan bijvoorbeeld de productie van veevoeder. Dat wordt zeker geen zuivere finance-oefening. Het moeilijkste waar een mens mee kan omgaan is verandering, of het nu over een IT-applicatie gaat of iets anders.”





Opmerkingen