“Finance moet impact creëren”
- 2 dagen geleden
- 5 minuten om te lezen

Om groeicijfers in de bouwsector op te tekenen, moet je vandaag van goeden huize zijn. Voor bouwgroep Beehive, met als zwaargewichten Alheembouw en de Franse dochter ALB France, draait het niet alleen om kwaliteit op de werven. Ook de teams achter de schermen moeten excelleren. CFO Lise Van den Abeele licht toe: “Een cultuur van open communicatie en nauwgezette rapportering is onontbeerlijk.”
Beehive overkoepelt vijf bouwbedrijven met onderlinge synergieën: aannemer Alheembouw, de Franse dochter ALB France, projectontwikkelaar Steenoven, het ingenieursbureau Skald en Metaalconstructie Blomme. Alheembouw en ALB France vertegenwoordigen het grootste deel van de omzet. Vooral de snelle groei van de Franse vleugel valt op. Op amper drie jaar tijd ontpopte ALB France zich tot een speerpunt binnen de groep. Lise Van den Abeele: “Alheembouw realiseerde de vestiging van aardappelgroep Clarebout in Duinkerke. Dat grootschalige project bracht de bal aan het rollen en mondde uit in nieuwe opdrachten in Noord-Frankrijk.”
Finance groeit mee
Lise Van den Abeele werkt al ruim een decennium bij Beehive. “Ik begon als projectcontroller bij Alheembouw”, blikt ze terug. “Daar leerde ik het aannemersvak van a tot z kennen. Later kreeg ik als businesscontroller een meer overkoepelende rol. Die ervaring vormde de geknipte springplank naar de functie van CFO bij Beehive, die ik sinds twee jaar bekleed. Toen eigenaar Peter Temmerman mij die rol aanbood, stelde ik als voorwaarde dat ik het op mijn manier mocht aanpakken. Ik wilde me niet beperken tot wat een CFO in theorie hoort te doen, maar echt impact creëren.”
De organisatie die Lise Van den Abeele financieel aanstuurt, verschilt sterk van die van tien jaar geleden. “We groeiden van 70 miljoen euro naar 400 miljoen euro omzet. Die evolutie vraagt een andere benadering van de achterliggende processen. Ik zette sterk in op de uitwerking en optimalisatie van zowel de project- als de managementrapportering. Vroeger hanteerde elke projectleider een eigen rapporteringswijze, terwijl we nu werken met een vast format en gestructureerde cost control sheets. We delen iedere offerte op in verschillende loten, met eigen budgetten en prognoses.”Tegelijk ging veel aandacht uit naar datavalorisatie. “De projectleiders leverden uitstekend werk, maar gaven rapportering niet altijd dezelfde prioriteit. Vandaag beschouwt iedereen dat als een standaardtaak en geven we het ook een plaats binnen de evaluatiecriteria. Dat werpt zijn vruchten af. Waar het vroeger vooral voor onze industriële projecten moeilijk was om het hoge tempo te volgen, beschikken we vandaag voor elk project over een geactualiseerd dashboard.”
Vinger aan de pols
Sectorfederatie Embuild luidde onlangs de alarmbel. Ze kondigde een weinig opbeurende boodschap aan van stagnatie en verwacht zelfs een lichte daling van de activiteit in 2026. Die realiteit is Lise Van den Abeele uiteraard bekend. “Niemand ontsnapt aan de grote volatiliteit. Dankzij de diversificatie van onze activiteiten en doelgroepen zijn we evenwel sterk gewapend. Draait de industriële sector minder goed, dan bieden opdrachten in bijvoorbeeld het onderwijs het nodige tegengewicht. Voor de financiële afdeling komt het erop aan de vinger aan de pols te houden bij de business, de klant en de financiële partners.”
Die nauwgezette opvolging start voor de CFO al in de tenderfase. “Bij elk project wil ik het rendement, de risico’s en de scenario’s zo nauwkeurig mogelijk inschatten. Het blijft ook belangrijk om te weten wie ons zal betalen en op welke manier. Klanten verwijzen niet zelden naar subsidies, maar die middelen moeten uiteindelijk wel effectief beschikbaar zijn. Daarnaast moeten we de tenderkosten onder controle houden. We nemen niets op in onze balans wat niet zeker is. Om voorbereidende kosten zoals tenderuitgaven en werken van onderaannemers te dekken, zetten we vaak voorschotten in. Zo creëren we meteen financiële ruimte om het project efficiënt op gang te trekken. Tegelijk bieden we onze klanten de nodige zekerheid, doorgaans via solide borgstellingen. Tijdens de uitvoering hanteren we een duidelijke facturatiestructuur: bij voorkeur op basis van mijlpalen, zodat cashflow en voortgang hand in hand gaan. Indien facturatie pas bij oplevering plaatsvindt, zorgen we voor een tijdelijke overbrugging via onze bankpartners. Zo blijven we financieel robuust en operationeel wendbaar, zonder in te boeten op kwaliteit of snelheid.”
Controle en transparantie
Lise Van den Abeele benadrukt het belang van controle en transparantie. “De kwaliteit van de vorderingsstaten is cruciaal. Doordat we de tussentijdse afrekeningen goed op punt zetten, kampen we slechts heel zelden met onbetaalde facturen. Onze projectcontrollers moedigen onze mensen op de werven voortdurend aan om daar verder op in te zetten. Transparantie komt ook tot uiting in onze dialoog met de banken. Jaar na jaar tonen onze resultaten aan dat we onze doelstellingen realiseren. Maar ook bij tijdelijke cashnoden moet je open blijven communiceren.”Beehive bekijkt cashflow grotendeels op groepsniveau. “Alleen voor grote projecten voorzien we een aparte opvolging. Dankzij onze maandelijkse monitoring voelen we heel goed aan in welke mate onze cashpositie voor- of achterloopt op de prognoses.”
Haaks op de strikte projectopvolging lijkt de minder formele jaarlijkse budgetteringscyclus te staan. “Peter Temmerman is onze enige aandeelhouder. Daarnaast leggen we de budgetten enkel voor aan het directiecomité. Het feit dat we niet alles formeel uitschrijven, betekent niet dat het minder gekend is. Bovendien brengen we de budgetten van de werven heel nauwkeurig in kaart, waardoor er geen verrassingen opduiken. We weten eind 2025 dus al goed wat we van 2026 mogen verwachten.”
Een bouwproject strekt zich uit over vele maanden en soms zelfs jaren. De energiecrisis of de handelstarieven van de Amerikaanse president Trump tonen aan hoeveel er in zo’n periode kan veranderen. “We spreken met de klant altijd een ambitiebudget af en proberen dat te realiseren. Veren bepaalde grondstofprijzen of bouwkosten te sterk op, dan bekijken we samen de mogelijkheden. We beschouwen de klant daarbij echt als een partner. Bij sommige projecten nemen we een beperkt percentage van de stijgende grondstofprijzen voor eigen rekening, in andere gevallen sluiten we een verzekering af. Opnieuw maken transparantie en tussentijdse rapportering hier het verschil.”
Projectrapportering gaat voor onze gesprekspartner verder dan louter financiële opvolging. “Ik geloof sterk in een allesomvattende BI-rapportering. Via de tool Qlik Sense registreren we ook duurzaamheidsdata, veiligheidsprocessen en een hr-dashboard. Aan de hand van de managementrapportering volgen we onze projecten dagelijks op. Een snelle blik op die cijfers vormt een uitstekend startpunt van de dag.”
Jaarverslag: interne en externe communicatietool
Toen dit interview half december plaatsvond, legde Beehive de laatste hand aan de tweede editie van zijn jaarverslag. Dat project rust vooral op de schouders van de CFO. “Toen Peter mij vroeg om dat op te zetten, engageerde ik mij meteen. Hoewel onze prestaties gezien mogen worden, treden we als groep weinig naar buiten. Die trots mogen we best wat meer uitdragen. Bovendien hechten stakeholders zoals banken en borgmaatschappijen almaar meer belang aan communicatie. Ik zie het niet alleen als een manier om extern te informeren en duiding te geven, maar ook om intern te tonen hoe we presteren en welke richting we uitgaan. De voorbije twee jaar zetten we bovendien sterk in op digitalisering. Zo werken we vandaag met digitale dashboards die ons in staat stellen om de prestaties van onze onderaannemers en medewerkers in real time te monitoren. Die dashboards zijn geïntegreerd met ons ERP-systeem en bieden continu inzicht in cashpositie, marges en KPI’s. Zo sturen we sneller bij, detecteren we afwijkingen vroeg en vergroten we onze wendbaarheid. Dat ondersteunt niet alleen onze interne communicatie en transparantie, maar versterkt ook het vertrouwen bij externe stakeholders. Een andere vorm van formalisatie situeert zich bij onze gedragscode. We hanteerden altijd al hoge standaarden, maar maken die nu ook expliciet richting banken en andere actoren. Een belangrijk aspect daarbij is de identificatie van onze risico’s en kansen.”
Lise Van den Abeele wil het rapporteringsproces het komende kalenderjaar nog verder intensiveren. “Ik wil nog sneller over de cijfers beschikken. Dat vraagt van onze mensen een verschuiving van manueel inboeken naar actief bijsturen. Het komt erop aan te identificeren waar we impact kunnen maken en hoe we samen waarde creëren.”





Opmerkingen